Voeding voor je darmmicrobioom
Vezelrijke voeding levert de darmbacteriën verschillende soorten voedingsstoffen. Veel plantaardige producten bevatten vezels, en variatie helpt om uiteenlopende vezelbronnen in je eetpatroon op te nemen. Denk aan groenten, fruit, bonen, linzen, haver, volkoren brood, noten en zaden.
Gefermenteerde voedingsmiddelen, zoals yoghurt met levende culturen, kefir, zuurkool en kimchi, kunnen deel uitmaken van een gevarieerd eetpatroon. Ze zijn niet voor iedereen noodzakelijk en het effect kan per product en persoon verschillen. Kies producten die je goed verdraagt; let bij zuurkool en andere gefermenteerde groenten ook op het zoutgehalte.
Welke rol spelen darmbacteriën?
Darmbacteriën zijn geen afzonderlijke groep met één functie. Verschillende micro-organismen helpen voedingsbestanddelen af te breken en maken stoffen aan, waaronder korteketenvetzuren wanneer ze bepaalde vezels fermenteren. Andere microben kunnen onder meer bijdragen aan de omzetting van galzuren of tryptofaan. De precieze effecten hangen af van de bacteriesoort, de omstandigheden in de darm en de persoon.
Sommige darmbacteriën kunnen neuroactieve stoffen produceren, zoals GABA, of de omzetting van stoffen die betrokken zijn bij signaaloverdracht beïnvloeden. De meeste serotonine in het lichaam wordt gemaakt door cellen in de darmwand, niet rechtstreeks door darmbacteriën. Microbiële stoffen kunnen lokaal met darmcellen, het immuunsysteem en het enterisch zenuwstelsel communiceren. De invloed op de hersenen verloopt mogelijk via meerdere routes, maar darmbacteriën maken niet simpelweg neurotransmitters die rechtstreeks naar de hersenen gaan.