Welk orgaan wordt aangetast bij coeliakie?
Het orgaan dat bij coeliakie het meest wordt aangetast, is de dunne darm. Coeliakie is een auto-immuunziekte waarbij het afweersysteem reageert op gluten, een eiwit in tarwe, gerst en rogge. Die reactie kan de darmvlokken in de dunne darm beschadigen. Daardoor kunnen klachten ontstaan en kunnen voedingsstoffen minder goed worden opgenomen. In dit artikel lees je hoe dat werkt, welke coeliakiesymptomen en andere maag-darmklachten kunnen voorkomen en hoe een arts de oorzaak onderzoekt.
Waarom wordt de dunne darm aangetast bij coeliakie?
Bij iemand met coeliakie activeert gluten een afwijkende afweerreactie. Het immuunsysteem kan daarbij het slijmvlies van de dunne darm beschadigen. Aan de binnenkant van de dunne darm zitten kleine vingervormige uitstulpingen: de darmvlokken. Zij vergroten het oppervlak waarmee het lichaam voedingsstoffen opneemt.
Wanneer de darmvlokken ontstoken of afgeplat raken, kan de opname van onder meer ijzer, foliumzuur, vitamine B12, calcium en vitamine D verminderen. De ernst en gevolgen verschillen per persoon. Coeliakie kan ook klachten buiten de darm geven, zoals huidafwijkingen, gewrichtsklachten of neurologische klachten, maar de dunne darm blijft het belangrijkste doelwit.
Welke klachten kunnen bij coeliakie voorkomen?
Coeliakie kan duidelijke maag-darmklachten geven, maar sommige mensen hebben weinig of geen typische darmklachten. Mogelijke symptomen zijn:
- diarree of juist verstopping;
- buikpijn, buikkrampen of een opgeblazen gevoel;
- misselijkheid, een verminderde eetlust of een snel vol gevoel;
- onbedoeld gewichtsverlies;
- aanhoudende vermoeidheid, bijvoorbeeld door bloedarmoede of een tekort aan voedingsstoffen;
- een tekort aan ijzer, foliumzuur, vitamine B12 of andere voedingsstoffen;
- huiduitslag, gewrichtsklachten of concentratieproblemen.
Deze klachten zijn niet specifiek voor coeliakie. Ze kunnen ook voorkomen bij bijvoorbeeld een infectie, prikkelbare darm, inflammatoire darmziekte of een andere medische aandoening. Klachten alleen zijn daarom niet genoeg om zelf een diagnose te stellen.
Welke auto-immuunziekten kunnen maag-darmklachten veroorzaken?
Coeliakie is niet de enige aandoening waarbij het afweersysteem betrokken is. Het is nuttig om onderscheid te maken tussen klassieke auto-immuunziekten en immuungemedieerde ontstekingsziekten. Bij een klassieke auto-immuunziekte richt het immuunsysteem zich tegen lichaamseigen weefsel. Bij een immuungemedieerde ontstekingsziekte is sprake van een ontregelde ontstekingsreactie, zonder dat de aandoening altijd als klassieke auto-immuniteit wordt beschouwd.
- Coeliakie: een reactie op gluten die vooral het slijmvlies van de dunne darm beschadigt.
- Auto-immuun gastritis: het afweersysteem valt cellen in de maagwand aan. Dit kan gevolgen hebben voor de maagzuurproductie en de opname van vitamine B12.
- Auto-immuun hepatitis: een auto-immuunziekte waarbij ontsteking van de lever ontstaat.
- Primaire biliaire cholangitis: een aandoening waarbij vooral kleine galwegen in de lever worden aangetast.
- Primaire scleroserende cholangitis: een ontstekingsziekte van de galwegen, die vernauwingen kan veroorzaken.
- De ziekte van Crohn en colitis ulcerosa: inflammatoire darmziekten die meestal immuungemedieerd worden genoemd. Ze zijn niet hetzelfde als coeliakie en kunnen verschillende delen van het spijsverteringskanaal aantasten.
- Auto-immuun gastro-intestinale dysmotiliteit: een zeldzame aandoening waarbij afweerreacties de zenuwen of spieren kunnen beïnvloeden die de beweging van het maag-darmkanaal regelen.
Sommige auto-immuunziekten komen bij dezelfde persoon vaker samen voor. Dat betekent niet dat de aandoeningen dezelfde oorzaak of behandeling hebben. Een arts beoordeelt daarom altijd het volledige klachtenpatroon en de onderzoeksresultaten.
Welke auto-immuunziekte veroorzaakt maagklachten?
Auto-immuun gastritis is een auto-immuunziekte die rechtstreeks de maagwand aantast. Mogelijke klachten zijn een zeurend of brandend gevoel in de bovenbuik, misselijkheid, een opgeblazen gevoel en snel vol zitten. Soms staat een vitamine B12-tekort meer op de voorgrond dan maagpijn. Dezelfde klachten kunnen echter ook bij veel andere maagproblemen voorkomen. Alleen gericht medisch onderzoek kan de oorzaak vaststellen.
Overzicht van aandoeningen en onderzoek
Onderstaande tabel is een algemene uitleg en geen hulpmiddel voor zelfdiagnose.
| Aandoening | Vooral aangetast | Mogelijke klachten | Voorbeelden van onderzoek |
|---|---|---|---|
| Coeliakie | Dunne darm | Diarree, buikpijn, opgeblazen gevoel, vermoeidheid en tekorten | Bloedonderzoek en soms gastroscopie met dunnedarmbiopten |
| Auto-immuun gastritis | Maagwand | Misselijkheid, snel vol zitten, bovenbuikklachten en mogelijk B12-tekort | Bloedonderzoek en gastroscopie met biopten |
| Auto-immuun hepatitis | Lever | Vermoeidheid, buikpijn of geelzucht | Leverfunctietests, antistoffen en soms leverbiopsie |
| Primaire biliaire cholangitis | Kleine galwegen in de lever | Vermoeidheid en jeuk | Leverfunctietests, antistoffen en beeldvorming |
| Primaire scleroserende cholangitis | Galwegen | Jeuk, vermoeidheid, geelzucht of terugkerende galwegontsteking | Leverfunctietests en beeldvorming, zoals MRI |
| IBD | Dunne darm, dikke darm of endeldarm | Buikpijn, langdurige diarree en soms bloed bij de ontlasting | Ontlastingsonderzoek, endoscopie, beeldvorming en biopten |
IBD staat voor inflammatoire darmziekte. De ziekte van Crohn en colitis ulcerosa worden doorgaans immuungemedieerde ontstekingsziekten genoemd en niet als klassieke auto-immuunziekten.
Hoe stelt een arts coeliakie of een andere aandoening vast?
1. Bespreking van klachten en voorgeschiedenis
De huisarts bespreekt de duur en aard van de klachten, voeding, gewichtsverandering, familiegeschiedenis en eventuele andere auto-immuunziekten. Bij aanhoudende of onverklaarde klachten kan een verwijzing naar een maag-darm-leverarts, ook wel MDL-arts genoemd, nodig zijn.
2. Bloedonderzoek
Bij een vermoeden van coeliakie worden vaak antistoffen tegen weefseltransglutaminase onderzocht, meestal samen met totaal IgA. HLA-DQ2 en HLA-DQ8 kunnen in bepaalde situaties helpen bij de beoordeling, maar hun aanwezigheid bewijst op zichzelf geen coeliakie. Voor andere aandoeningen bestaan andere bloedtests, zoals antistoffen die kunnen passen bij auto-immuun gastritis, auto-immuun hepatitis of primaire biliaire cholangitis.
Belangrijk: begin niet op eigen initiatief met een glutenvrij dieet voordat coeliakie medisch is onderzocht. Als je al langere tijd geen gluten eet, kunnen bloedonderzoek en eventuele darmbiopten minder betrouwbaar worden. Bespreek dit eerst met een arts.
3. Endoscopie en biopten
Afhankelijk van de situatie kan een gastroscopie met biopten uit de dunne darm worden uitgevoerd. Bij een vermoeden van auto-immuun gastritis kunnen biopten uit de maag nodig zijn. Het weefselonderzoek wordt samen met de klachten en bloeduitslagen beoordeeld.
4. Aanvullend onderzoek
Bij verdenking op IBD kunnen ontlastingsonderzoek, endoscopie en beeldvorming worden ingezet. Bij lever- en galwegaandoeningen zijn leverfunctietests en beeldvorming vaak belangrijk. Een motiliteitsonderzoek kan worden overwogen wanneer de beweging van maag of darmen mogelijk verstoord is.
Wat gebeurt er na de diagnose?
De behandeling hangt af van de vastgestelde aandoening. Bij coeliakie is een strikt glutenvrij dieet de medische behandeling. Een diëtist met ervaring met coeliakie kan helpen om besmetting met gluten te voorkomen en toch volwaardig te eten. Laat mogelijke tekorten en controles begeleiden door een arts; gebruik supplementen niet automatisch zonder dat daar een reden voor is.
Bij andere auto-immuunziekten of IBD kan medicatie, controle van bloedwaarden, voedingsbegeleiding of een andere specialistische behandeling nodig zijn. Verander of stop voorgeschreven medicatie niet zonder overleg. Een glutenvrij dieet is niet standaard een behandeling voor andere auto-immuunziekten en kan onnodige beperkingen veroorzaken als er geen medische reden voor is.
Wat is de mogelijke rol van het darmmicrobioom?
Het darmmicrobioom is de verzameling micro-organismen in het spijsverteringskanaal. Onderzoek naar de relatie tussen het darmmicrobioom, voeding en immuunreacties is nog in ontwikkeling. Een verschil in samenstelling van het microbioom bewijst niet dat dit de oorzaak van een ziekte is.
Een microbioomtest kan persoonlijke informatie over bepaalde bacteriële kenmerken geven, maar stelt geen coeliakie of andere auto-immuunziekte vast en vervangt geen bloedonderzoek, endoscopie of behandeling. Bespreek de betekenis van testresultaten met een gekwalificeerde zorgverlener.
Wanneer moet je medisch advies zoeken?
Maak een afspraak met de huisarts bij aanhoudende diarree, terugkerende buikpijn, onverklaarde vermoeidheid, onbedoeld gewichtsverlies of een vastgesteld tekort aan ijzer of vitamine B12. Zoek sneller medische hulp bij:
- bloed bij de ontlasting of zwarte, teerachtige ontlasting;
- hevige of snel toenemende buikpijn;
- aanhoudend braken of niet kunnen drinken;
- tekenen van uitdroging, zoals weinig plassen, duizeligheid of een droge mond;
- geelzucht of een sterk verslechterende algemene toestand.
Veelgestelde vragen
Welke auto-immuunziekten kunnen de darm aantasten?
Coeliakie tast vooral de dunne darm aan. Auto-immuun gastritis tast de maag aan. De ziekte van Crohn en colitis ulcerosa kunnen de darm aantasten, maar worden meestal ingedeeld als immuungemedieerde inflammatoire darmziekten. Andere aandoeningen, zoals auto-immuun hepatitis en primaire biliaire cholangitis, betreffen vooral organen rond het maag-darmkanaal, zoals de lever en galwegen.
Wat zijn de symptomen van auto-immuunziekten van de maag?
Bij auto-immuun gastritis kunnen bovenbuikklachten, misselijkheid, een opgeblazen gevoel en snel vol zitten voorkomen. Door een mogelijke verstoring van vitamine B12-opname kunnen ook vermoeidheid of bloedarmoede ontstaan. Deze klachten zijn niet uniek voor auto-immuun gastritis en moeten medisch worden beoordeeld.
Wat is de ernstigste auto-immuunziekte?
Er bestaat geen betrouwbare algemene ranglijst van de vijf of andere zogenaamd ergste auto-immuunziekten. De ernst hangt af van het aangetaste orgaan, de activiteit van de ziekte, complicaties en de reactie op behandeling. Bij klachten is het belangrijker om de juiste oorzaak en passende zorg vast te stellen dan om aandoeningen met elkaar te rangschikken.
Is coeliakie hetzelfde als een glutenovergevoeligheid?
Nee. Coeliakie is een auto-immuunziekte waarbij gluten schade aan de dunne darm kunnen veroorzaken. Bij niet-coeliakiale glutensensitiviteit kunnen klachten optreden zonder dat de kenmerken van coeliakie zijn aangetoond. Tarweallergie is weer een andere aandoening. Laat de mogelijke oorzaak onderzoeken voordat je gluten blijvend weglaat.
Kan een microbioomtest coeliakie aantonen?
Nee. Een microbioomtest is geen gevalideerde vervanging voor de onderzoeken waarmee artsen coeliakie vaststellen. Bij een vermoeden zijn medische beoordeling en passend bloedonderzoek belangrijk.
Conclusie
Bij de vraag welk orgaan wordt aangetast bij coeliakie is het belangrijkste antwoord: de dunne darm. Beschadiging van de darmvlokken kan de opname van voedingsstoffen beïnvloeden en verschillende klachten veroorzaken. Omdat vergelijkbare symptomen ook bij andere aandoeningen voorkomen, zijn medische beoordeling en de juiste onderzoeken belangrijk. Zoek hulp bij aanhoudende of ernstige klachten en gebruik een glutenvrij dieet, supplementen of testresultaten niet als vervanging voor professionele zorg.